Antiheld

Als je schrijft moet je risico nemen. Constant tegen die grens aan werken van je eigen positie die overeind moet blijven. Je argumenten moeten kloppen. Je mag uit de bocht vliegen maar niet zo ver dat de grond onder je voeten verdwijnt. Uiteindelijk heb je niet alleen je geloofwaardigheid te verliezen maar vooral het beeld dat je van jezelf hebt. In mijn geval, het beeld van iemand die de mechanismen intelligent doorziet. Ik zoek naar een positie waarin ik niet medeplichtig hoef te zijn, maar de schrijver legitimeert de kunst.  

Ik ben misschien precies geworden waar dit systeem behoefte aan had. Ik ben schrijver geworden. Ik had ook kunnen zeggen ‘ik ben gaan schrijven’ maar schrijver worden is identiteit. Een vorm van erkenning. Wat als een dappere ontsnapping voelde blijkt misschien gewoon een van de beroepen die de kunst nodig heeft om zichzelf uit te leggen.  

Kunst moedigt mislukking alleen aan zolang zij herkenbaar blijft als artistieke categorie. Mijn leven moet coherent zijn. Ik wil geloven dat er een lijn door mijn werkende leven heen loopt. Dat het afwijzen van het kunstenaarschap me ooit schrijver maakte. Dat het allemaal ergens over ging. Maar misschien vertel ik dit verhaal alleen maar omdat ik achteraf een logica wil aanbrengen in beslissingen die destijds vooral voortkwamen uit onzekerheid. 

Ook een autobiografie is een vorm van zelfzuivering. 

Op de academie wordt het je al aangeleerd: durf te falen! Risico nemen is geen karaktereigenschap, maar een professionele competentie. Het falen laat zich makkelijk tot een eigen stijl veranderen, door laconiek te blijven over zaken die niet geheel tot wasdom komen. Ook kwetsbaarheid ontwikkelt haar eigen conventies en geeft de antiheld herkenbare trekken. 

Na zoveel jaren in de kunst herken ik risico bij de ander, nog voor het is genomen. Ik weet hoe de trillende stem klinkt wanneer zij artistieke noodzaak uitdrukt. Ik weet hoeveel twijfel overtuigt en hoeveel twijfel een presentatie verstoort. Ik herken het onaf, de aarzeling, de mislukking die nog net voldoende richting bewaart om betekenis te produceren. 

Maar de echte antiheld laat zich niet zo makkelijk omvormen tot een esthetiek. Hij is laf op het verkeerde moment. IJdel zonder ironie. Opportunistisch wanneer hij principieel had willen zijn. Hij verraadt mensen. Hij liegt. Hij overschat zichzelf. Hij zoekt erkenning. Hij verlangt naar applaus terwijl hij beweert daar boven te staan. De antiheld is een mens. Niet bewonderenswaardig. Juist daarom laat hij zich niet zuiveren.

Dat is precies wat de hedendaagse kunst zo moeilijk verdraagt. Ze heeft een opmerkelijk vermogen ontwikkeld om iedere vorm van onzuiverheid te esthetiseren. Maar het ongewenste zelf laat zich niet omzetten in een artistieke positie. Afgunst. Opportunisme. Zelfbedrog. Het zijn eigenschappen die zich niet laten tentoonstellen zonder direct van betekenis te veranderen. 

Artistieke autonomie bestaat alleen zolang iedereen bereid is haar te blijven erkennen. Daarvoor hoeft niemand hypocriet te zijn. Er is een bekende anekdote van Slavoj Žižek over natuurkundige Niels Bohr. Boven de voordeur van zijn huis hing een hoefijzer. Einstein, zo gaat de legende, kon niet bevatten dat zo’n goede wetenschapper in bijgeloof geloofde. Maar Bohr stelde hem gerust: “Natuurlijk niet. Maar het werkt ook als je er niet in gelooft.” We hoeven niet te geloven dat artistieke autonomie bestaat. We hoeven ons alleen te blijven gedragen alsof onze beslissingen uitsluitend artistiek zijn. Deelname aan het systeem volstaat. 

Poses waarin niemand meer hoeft te geloven zijn het moeilijkst te bekritiseren. De antiheld is daarom veel spannender. Die speelt geen rol maar is een reële mogelijkheid. Dat is het moment waarop de artistieke positie haar bescherming verliest. Wanneer niemand meer zeker weet of er daadwerkelijk iets op het spel staat. Niet omdat de persoon achter het werk extremer wordt, maar omdat het kader begint te wankelen waarin alles betekenis krijgt.

Onzuiverheid verschijnt als twijfel. Als schaamte. Als ijdelheid. Als de plotselinge ontdekking dat een artistieke beslissing misschien minder principieel was dan je jezelf jarenlang hebt verteld. Geen enkele artistieke beslissing is uitsluitend artistiek. Overlevingsdrang, erkenning, angst, ambitie. Ben je bereid om je eigen onzuiverheid toe te laten zonder haar onmiddellijk om te zetten in een artistieke strategie? 

Na deze alinea’s blijkt dat ik het omgekeerde bedoelde. Schrijven is juist de manier waarop ik risico vermijd. Mijn behoefte om mechanismen te begrijpen is zelf een manier om erboven te gaan staan. Erkennen dat je niet slimmer bent dan je onderwerp is een vorm van ijdelheid die mij het slechtste afgaat. Ben ik hier iets aan het begrijpen of ben ik mezelf opnieuw aan het redden? Ik ken mijn eigen antiheld inmiddels als geen ander. Misschien is hij zelfs degene die deze tekst heeft geschreven. 

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Scroll naar boven